Collectief beheer van natuur en landschap door boeren blijkt goedkoop en effectief’

heggen landschap
Het beheer van natuur en landschap door boeren kan effectiever en goedkoper als zij op gebiedsschaal samenwerken. Dat bewijzen vier samenwerkingsverbanden die experimenteerden met zo’n collectieve aanpak in het kader van het nieuwe Europese landbouwbeleid. Op 23 juni overhandigden de vier proefgebieden de resultaten van 3 jaar experimenteren aan staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken.
 

Vier gebiedsorganisaties, actief in Oost-Groningen, Noordelijke Friese Wouden, Laag Holland en Winterswijk, hebben in hun gebied contracten gesloten voor verbetering van de kwaliteit van natuur en landschap. Zij voerden daarbij alle taken uit die normaal gesproken worden verricht door de overheid, zoals de controle en sanctionering. De contracten waren gericht op het beheer van weide- en akkervogels zoals grutto en veldleeuwerik en het creëren van groene linten in het landschap in de vorm van ‘levendeslootrandenbeheer‘, ‘bloemrijke oevers’ en ‘soortenrijke heggen en houtwallen’.

De gebiedsmatige aanpak blijkt niet alleen ten goede te komen aan natuur en landschap, maar ook nog eens goedkoper te zijn in de uitvoering. De sleutel daartoe ligt in selectief zakendoen – alleen op kansrijke plekken en met gemotiveerde grondgebruikers – en efficiëntiewinst door een betere gebiedskennis en een betere vertrouwensbasis. Vanaf 2016 zal de overheid alleen nog zaken doen met dergelijke ‘gebiedscollectieven’. “De proefprojecten hebben waardevolle ervaring opgedaan waarvan andere collectieven kunnen profiteren”, stelde Douwe Hoogland, voorzitter van de vereniging Noordelijke Friese Wouden, bij de overhandiging van het eindrapport. “Het blijkt goed mogelijk een professionele contractpartner van de overheid te zijn en tegelijk het vertrouwen te hebben en de motivatie aan te wakkeren van de grondgebruikers.” 

De ervaringen zijn niet alleen bruikbaar voor het nieuwe agrarisch natuurbeheer, maar ook voor de vergroening die vanaf 2015 zijn intrede doet in het Europese landbouwbeleid. Ook daar zijn mogelijkheden voor een gezamenlijke aanpak. De vier gebiedsorganisaties hebben in die drie jaar ook onderling veel samengewerkt en vele ideeën ontwikkeld over een groenere landbouw. Daarvan is in de huidige kabinetsvoorstellen een deel gerealiseerd. Hoogland: “Wij zien de recente Nederlandse voorstellen als een opmaat voor een verdere vergroening naar 2020 toe. De ideeën die wij hebben ontwikkeld, blijven daarom van waarde voor het toekomstige landbouwbeleid.”

De publicatie Oefenen met een collectief leveringsstelsel voor vergroening en groenblauwe diensten – Lessen uit de vier GLB-pilots 2011-2014 is te vinden op de website van de agrarische natuurvereniging Oost-Groningen.

bron: Agrarische natuurvereniging Oost-Groningen, 23/06/14

Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk