De nieuwe wet Natuurbescherming is op 1 juli 2015, na een aanloop van 7 jaar aangenomen in de Tweede Kamer.

Nadat de Tweede Kamer de stemmingen voor het groot aantal ingediende amendementen waren afgerond heeft de Kamer de wet Natuurbescherming aangenomen. De Staatssecretaris zal nu de wet gaan aanbieden aan de Eerste Kamer en deze zal de wet waarschijnlijk behandelen in oktober van dit jaar en bij goedkeuring zal deze dan  waarschijnlijk op 1 januari 2016 van kracht kunnen worden.

De Staatsecretaris zal ook nog een uitvoeringsbesluit wet Natuurbescherming als AmvB opstellen om dit samen met de wet te laten ingaan, als de wet waarschijnlijk op 1 januari 2016 van kracht wordt. Hiervoor zal zij de stakeholders die betrokken zijn bij het opstellen van de wet Natuurbescherming nog gaan raadplegen en overleggen, zoals de KJV en NOJG etc. Hiervoor is het belangrijk dat er goed wordt samen gewerkt door de belangenverenigingen voor de jacht, daar hierin wordt bepaald hoe de wet natuurbescherming zal worden uitgevoerd. Zoals de middelen etc.

In het aangenomen wetsvoorstel, zijn voor een deel als gevolg van het amendement, een aantal belangrijke zaken opgenomen.

  • Er komt een integraal plan voor drie jachtregimes ( Jacht, beheer en schadebestrijding); dat is in de huidige FF-wet, alleen voor beheer en schadebestrijding het geval.
  • Er komt een rapportage plicht voor iedere jachthouder van het afschot achteraf en niet vooraf op basis van tellingen.
  • Er komt een publicatieverplichting van de Fbe, zodat alle gegevens openbaar zijn; deze plicht was er nu niet omdat het allemaal zelfstandige stichtingen waren.
  • De structuur van de Fbe verandert naar een vereniging en er komt inspraak van natuurorganisaties waaronder organisaties die zich met dierenwelzijn bezighouden. Dit is een wettelijke verankering waardoor zij een positie krijgen in het besturen van de faunabeheereenheden.
  • Ook kunnen andere organisaties en deskundigen geraadpleegd worden door de Fbe.
  • De wildlijst blijft landelijk bepaald, uitvoering op basis van het faunabeheerplan, dat door de provincie goedgekeurd moet worden.

Ook is de uitleg van de Staatssecretaris in haar brief aan de Tweede Kamer over de ingediende amendementen van belang voor de uitvoering van het faunabeheerplan, door de jachthouder en grondgebruiker.

Verhouding faunabeheerplan, jacht en schadebestrijding

Enkele leden vroegen mij in het plenair debat wat de functie van het voorgestelde faunabeheerplan is in relatie tot de uitoefening van de jacht en de schadebestrijding door grondgebruikers.Voor de jacht en schadebestrijding voorziet het faunabeheerplan in een samenhangende aanpak van populatiebeheer door faunabeheereenheden, de uitoefening van de jacht op jachtvelden en de schadebestrijding door grondgebruikers in de regio.

Bij het opstellen van het faunabeheerplan worden de inspanningen op elkaar afgestemd, onder regie van een bestuur waarin niet alleen jachthouders maar ook maatschappelijke organisaties vertegenwoordigd zijn. Dat versterkt een transparante aanpak.Bij het opstellen van het faunabeheerplan wordt gebruik gemaakt van de verplicht door jagers te overleggen afschotgegevens (zie voorgesteld artikel 3.12a, eerste lid, waarin amendement nr. 107 voorziet) en vrijwillig door eenieder te verstrekken schattingen, trends en – waar redelijkerwijs mogelijk – tellingen.

Amendement nr. 107 voorziet in een voorstel om de faunabeheerplannen, en de daaraan ten grondslag liggende gegevens, openbaar te maken (voorgesteld artikel 3.12, zesde lid).Voor populatiebeheer fungeert het faunabeheerplan, net als nu in de Flora- en faunawet, als basis voor ontheffing verlening door provincies. Dat onderdeel van het faunabeheerplan bevat daarom exacte gegevens.

Voor de jachthouder geldt dat deze met inachtneming van het onderdeel van het faunabeheerplan met betrekking tot de jacht, moet bepalen wat in zijn jachtveld nodig is om een redelijke wildstand te handhaven. Hij is daarvoor wettelijk verplicht zorg te dragen (voorgesteld artikel 3.18, derde lid) en kan daarop worden aangesproken: niet alleen strafrechtelijk of bestuursrechtelijk maar ook civielrechtelijk.

De grondgebruiker dient voor de schadebestrijding te handelen met inachtneming van het onderdeel van het faunabeheerplan met betrekking tot schadebestrijding. Wanneer de grondgebruiker zich niet houdt aan de voorwaarden van de vrijstelling voor schadebestrijding, kan deze daarop strafrechtelijk of bestuursrechtelijk worden aangesproken.

Mocht de situatie zich voordoen dat een jachthouder of een grondgebruiker niet handelt overeenkomstig het faunabeheerplan, of wanneer die dreiging bestaat, dan kunnen provincies in het kader van bestuurlijke handhaving de jachthouder of grondgebruiker hierop aanspreken door de oplegging van een last onder dwangsom

Print Friendly, PDF & Email

Reageren is niet mogelijk