Europees beleid exoten vereist forse aanpassing van Nederlandse wetgeving’

image_pdfimage_print

Marterhond

De Nederlandse regelgeving rond ‘invasieve exoten’ vertoont veel gaten. De recent vastgestelde Europese verordening vereist dat het kabinet voor zeker 50 soorten aanpassingen moet doen. Dat schrijft Wilfred Reinhold, jurist en voorzitter van het platform Stop invasieve exoten in een artikel in het nieuwste nummer van het tijdschrift Milieu en Recht. Hij is het niet eens met uitlatingen van staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken in de Tweede Kamer. 

Invasieve exoten zijn planten, dieren en micro-organismen die door menselijk toedoen in een nieuw gebied terechtkomen, zich kunnen vestigen en verspreiden en daarbij schade kunnen veroorzaken aan bijvoorbeeld de inheemse flora en fauna of de volksgezondheid. In april heeft het Europees Parlement de Verordening Invasieve Uitheemse soorten vastgesteld om deze ontwikkeling te keren. Op grond van die verordening gaat de Europese Commissie een lijst vaststellen van soorten die door alle lidstaten aangepakt moeten worden. Te verwachten is dat die lijst meer dan 50 soorten zal omvatten. Voor al die soorten zal Nederland maatregelen moeten nemen in de sfeer van invoer- en bezitspreventie, voorkómen van verspreiding in de natuur en verwijdering van aanwezige exemplaren.

Reinhold heeft de huidige Nederlandse regelgeving rond exoten in kaart gebracht. Het gaat om de Wet publieke gezondheid, de Wet milieubeheer, de Warenwet, de Plantenziektenwet, de Visserijwet 1963 en de Flora- en faunawet. Als de Nederlandse regels naast de voorschriften uit de Europese verordening worden gelegd, zijn er volgens hem veel hiaten. Zo zijn er nauwelijks soorten waarvoor een invoer- en bezitsverbod geldt en mogen vrijwel alle planten in de natuur worden uitgezet. Voor dieren geldt wel een verbod om ze in de natuur uit te zetten, maar diverse schadelijke exotische vissen, rivierkreeften, krabben en schelpdieren zijn van dat verbod uitgezonderd. Verder is in de huidige regelgeving slechts voor enkele soorten de verwijdering van aanwezige exemplaren juridisch verankerd. 

Staatssecretaris Dijksma van Economische Zaken zei kort voor vaststelling van de verordening tegen de Tweede Kamer: ”Alles overwegende concludeer ik dat de verordening in lijn is met het Nederlandse beleid en niet stringenter is geworden. In mijn ogen is er door deze verordening geen sprake van substantiële verzwaring van regels en acties voor Nederland.” Reinhold vindt dat een opmerkelijke conclusie die hij niet deelt.

bron: Platform Stop invasieve exoten, 07/07/14

Reageren is niet mogelijk