NVWA-Beleidsregel grof wild uit gesloten (omrasterde) gebieden

image_pdfimage_print

Damhert

titel Beleidsregel grof wild uit gesloten (omrasterde) gebieden
code VW-BR-01 versie 1 ingangsdatum 10-02-2015 pag. 1 van 3
versie datum toelichting
1 29-01-2015 Goedkeuring beleidsregel in KGO VV&V

1      Onderwerp

In Nederland bestaan gesloten (omrasterde) gebieden waarin zoogdieren leven met eenzelfde vrijheid als vrij wild. Het betreft hier alleen edelherten, damherten en wilde zwijnen. Deze dieren worden niet voor de vleesproductie gehouden.

Onder de in deze beleidsregel beschreven voorwaarden beschouwt de NVWA deze dieren -in het kader van de Vleeskeuring- als vrij wild, ter onderscheid van dezelfde soorten die als gekweekt wild worden aangemerkt.

2      Wettelijke basis;  Verordening (EG) nr. 853/2004

3      Begrippen

Definitie van (grof) vrij wild volgens Verordening (EG) nr. 853/2004:

Vrij wild:Wilde hoefdieren en lagomorfen, evenals andere landzoogdieren die voor menselijke consumptie bejaagd worden en die krachtens de in de betrokken lidstaten geldende wetgeving als vrij wild beschouwd worden, met inbegrip van zoogdieren die in een gesloten gebied leven met eenzelfde vrijheid als vrij wild.

4      Benodigdheden

Een registratiesysteem waarin gegevens over deze dieren herkenbaar en ter onderscheid van wild dat volgens het jachtbesluit mag worden bemachtigd, worden vastgelegd.

5      Werkwijze

5.1      Voorwaarden gebied en dieren

Onder de volgende voorwaarden beschouwt en keurt de NVWA wilde zoogdieren in gesloten gebieden als vrij wild:

  • De provincie verleent geen afschotvergunning i.v.m. definitie van gehouden wild in de Wet natuurbescherming. (zie ook punt 9)
  • Dieren hebben eenzelfde vrijheid als vrij levend grof wild.
  • Dieren worden primair niet gehouden voor de productie van vlees.
  • Afschot vindt uitsluitend plaats ter regulering van de wildstand. Dieren vertonen natuurlijk vluchtgedrag.
  • Een antemortemkeuring, zoals voorgeschreven bij gekweekt wild, is niet uitvoerbaar.

Als niet aan alle bovenstaande voorwaarden, ter beoordeling van de NVWA, wordt voldaan, wordt wild in een gesloten gebied aangemerkt als gekweekt wild en moet als zodanig behandeld worden alvorens het in consumptie gebracht mag worden.

5.2      Aanmelden voor en afhandeling van beoordeling

Beheerders van gesloten gebieden die zoogdieren houden die aan bovengenoemde voorwaarden (5.1) voldoen, en deze dieren als vrij wild voor humane consumptie willen bestemmen, kunnen een aanvraag ter beoordeling van het gebied indienen bij NatuurNetwerk. NatuurNetwerk draagt de aanvraag over aan de NVWA, divisie V&I, team TO slachtplaatsen. De NVWA beoordeelt of aan de voorwaarden wordt voldaan en rapporteert de beslissing aan NatuurNetwerk. NatuurNetwerk draagt zorg voor de afhandeling van de aanvraag.

5.3      Voorwaarden voor afzet van de karkassen

  • Het afschot wordt gemeld in het FaunaRegistratieSysteem (FRS)
  • Een gekwalificeerd persoon (GP) voert het eerste onderzoek uit conform Verordening (EG) nr. 853/ 2004, bijlage III, sectie IV, hoofdstuk II en legt de resultaten daarvan vast in FRS.
  • Karkassen worden uitsluitend aangeboden aan een EG erkende Wildbewerkingsinrichting (WBI).
  • Karkassen ondergaan in de WBI een eindkeuring zoals bedoeld in Verordening (EG) nr. 854/2004

6      Registratie en archivering

6.1      Registratie

Na het schot wordt gebruik gemaakt van het faunaregistratiesysteem waarin gegevens over de dieren worden vastgelegd:

  • Locatie,
  • datum,
  • veldnummer enz.
  • ID merk
  • Verklaring eerste onderzoek door jager en GP
  • Erkende WBI waarheen het karkas wordt vervoerd

De NVWA heeft in het kader van haar toezichttaken, toegang tot relevante delen van het systeem

6.2      Archivering

NatuurNetwerk beheert de gegevens en rapporteert jaarlijks aan de NVWA.

7      Interventie

Wild dat wordt verkregen uit gesloten gebieden zonder aan de voorwaarden zoals genoemd in deze beleidsregel te voldoen, wordt beschouwd als gekweekt wild en dient dan ook als zodanig aan alle eisen genoemd in Verordening (EG) nr 853/ 2004, bijlage III, sectie III te voldoen om bestemd te kunnen worden voor humane consumptie.

8      Arbo, milieu en veiligheid

Afschot vindt plaats door jagers met een speciaal verlof (WM4) o.b.v. de WWM (wet wapens en munitie)

9      Divers

Deze beleidsregel is noodzakelijk om het verschil dat bestaat tussen de Natuurwetgeving en de Hygiëneregelgeving voor wat betreft de definities van gehouden/ gekweekt wild en vrij wild zodanig in te vullen dat de vleeskeuring op een correcte manier uitgevoerd kan worden. Daarom wordt beschreven wat de criteria zijn om zoogdieren die in een gesloten gebied leven met eenzelfde vrijheid als vrij wild, voor de vleeskeuring als vrij wild te beschouwen. De Natuurwetgeving hanteert een andere definitie voor gehouden wild, maar dat heeft voornamelijk te maken met het planmatig beheer van het grofwild in Nederland.

Reageren is niet mogelijk