Massaal protest Jagers in Nordrhein Westfalen tegen beperkingen jacht

image_pdfimage_print

Duizenden jagers marcheren over de Rijn aan het Parlement

De strijd van de jagers tegen de nieuwe jachtwet kon afbetalen: Bij een betoging van zo’n 15.000 strijders in de voorkant van het parlement, heeft de SPD aangekondigd op woensdag (18/03/2015) wijzigingen aan de omstreden wetsvoorstel. De Groenen blijven de boeman.

11071755_791172534264273_5869381547073048729_o

Zelfs uit de verte luidde de ongebruikelijke protest. Met hun fel oranje vesten, caps en jassen die volgens de politie ongeveer 15.000 jagers zijn al duidelijk zichtbaar op de Rijnbrug. Net voordat de menigte stroomt in het plein voor het parlementsgebouw, jachthoornblazers kondigen de komst van het gestorte bedrag. Op spandoeken deelnemers reageren hun woede: “Groen en rood zijn de jager dood” of “Nee wig tussen jacht en behoud” is daar te lezen. Het is duidelijk hoeveel van de NRW biedt milieuministers Johannes Remmel (Groen) presenteerde ontwerp van een nieuwe wet op de jacht voor de problemen. De jacht gemeenschap is in rep en roer en heeft haar aanhangers gemobiliseerd uit het hele land om te protesteren in Düsseldorf.


De rijksoverheid wil brengen in het voorjaar van de nieuwe wetgeving inzake de jacht met haar rood-groene meerderheid door het parlement. De jagers zijn het niet eens met de meeste punten van het wetsvoorstel, het neemt hun mening maar te veel verboden.

Het jachtverband Nordrhein Westfalen, vlak over de Nederlandse grens heeft een petitie geopend tegen de voorgestelde, maar ideologisch gedreven wetswijziging van het jachtrecht. Bij deze petitie een uitstekende gedocumenteerd ‘Positionspapier’. Vanwege de overeenkomst met onze situatie geef ik hierbij een korte samenvatting.

Het jachtrecht verder ontwikkelen met gezond verstand, maar zonder ideologie

Namens 10 organisaties, actief op het platte land (jacht land- en bosbouw, visserij, grondeigenaren), en 500.000 betrokken burgers in Nordrhein Westfale.
– weg met de wereldvreemde voorstellingen van fundamentalistische tegenstanders van de jacht
– ernstige twijfel over de inzet en feitenkennis van de auteurs van de voorgestelde wetswijziging

Uit zorg voor onze natuur en ons kultuurlandschap eisen wij:

  1. Bijvoeren van wild in extreme situaties moet mogelijk blijven.
  2. Geen beperkingen bij de jacht op wilde zwijnen d.m.v. een verbod op Kirren (lokvoer). Een intensieve jacht is noodzakelijk wegens het oprukken van de zwijnenpest vanuit Oost-Europa.
  3. Een uitbraak daarvan zal voor miljarden euro’s schade brengen aan de economie.
  4. Een maatschappelijke discussie over het katten-probleem. Een Oostenrijks onderzoek brengt dit probleem in kaart. Mogelijke deeloplossingen: verplichte castratie, registratie en chipinplanting. Maar het recht tot afschot moet in ieder geval blijven.
  5. Op de huidige praktijk bij de training van jachthonden is wat betreft dierenwelzijn niets aan te merken en dus niets aan toe te voegen.
  6. Er is geen alternatief voor de bouwjacht om met behulp van fretten en kleine hondenrassen de konijnen- en vossenstand te reguleren. Ook is hier de bescherming van de dijken en dus de veiligheid in het geding.
  7. Gewetensvolle besluitvorming ja, ideologie nee! (met beroep op Europese wetgeving)
  8. Diersoorten zijn met het jachtrecht beter af t.g.v. van de wettelijke verplichtingen van de jager en het wise-use principe. De laatste 100 jaar is er geen enkele soort t.g.v. de jacht uitgestorven, terwijl intussen vele niet-bejaagde soorten verdwenen zijn. Het van de wildlijst verwijderen van een aantal soorten heeft sinds 1976 aanwijsbaar geen enkele verbetering in de stand gebracht. Er is dus geen enkele reden de wildlijst verder in te perken. Het tegendeel is waar.
  9. Het uitzetten van inheems wild moet mogelijk blijven, wanneer het nodig blijkt op wetenschappelijke gronden of voor de instandhouding van de soort. Overigens met toestemming van de grondeigenaar.
  10. De jachttijden en gesloten tijden zijn zinvol, maar moeten uitsluitend op wildbiologische kennis en noodzaak tot schadebestrijding gegrond blijven. Ze mogen niet onderhevig worden aan een drang tot vereenvoudiging of regelgeverij.
  11. Vallenjacht is toegepaste natuurbescherming. Ze is noodzakelijk voor de bescherming van bodembroeders. Tegenstrijdige eisen van organisaties die deze jachtvorm uitoefenen – waaronder natuurbeschermingsorganisaties – laten zien dat een zakelijke (niet ideologische) discussie hierover nodig is.
  12. Geen jachtbeperking op kosten van de landbouw. De landbouw eist dat bij elke wetsverandering de eventuele gevolgen wat betreft wildschade en dierziektes (zwijnenpest) kritisch beken wordt.
  13. Geen jachtbeperking op kosten van de grondeigenaar. In vele revieren in NRW zijn de grondeigenaren allang niet meer geinteresseerd in de opbrengst van de jachtpacht, maar of ze überhaupt nog schadebestrijders kunnen vinden. Ook rustgebieden binnen een jachtrevier moeten tot het absoluut noodzakelijke beperkt worden.

 

Reageren is niet mogelijk