Wasbeer

image_pdfimage_print

wasbeer in de winter
De Wasbeer is een vertegenwoordiger van de familie kleine beren en behoort tot de roofdieren.

wasbeerKarakteristieke eigenschappen van deze kleine beer zijn de gedrongen en gebogen houding, zijn gezichtsmasker met boven de ogen een uitlopende grijs zwarte streep en zijn grijs zwart geringde staart. Zijn pels kan zeer verschillende grijskleuren en heeft in de meeste gevallen zilvergrijs als onderkleur. De lengte romp inclusief staart is ongeveer 70 tot 85 cm , waarvan 20 tot 25 cm voor de staartlengte. Zodoende moet je de grootte aanhouden tussen een vos en kat. Wasberen hebben afhankelijk van het jaargetijde een gewicht van 5 tot 10 kg, waarbij de reuen vaak zwaarder zijn als de teven. Hun instinct is uitstekend ontwikkeld, zodat zij de voerplaatsen bijna altijd terug vinden. Bijzonder ontwikkeld zijn hun reuk en gehoorzintuigen, wat dit schemer- en nachtdier zeer goed van pas komt. Hun voorpoten zijn zeer gevoelig en hiermee kunnen ze heel goed vissen, kikkers en zoetwaterkreeften in troebel water vinden kunnen.

De naam wasbeer komt van waarnemingen van in gevangenschap gehouden dieren, die hun voedsel aan een water wassen en daarom als bijzonder zindelijke dieren beschouwd moeten worden. Dit kan ook compensatiegedrag zijn van deze dieren omdat ze in de vrije natuur hun voedsel in het water kunnen vinden met hun gevoelige voorpoten en dit gedrag dus ook in gevangenschap simuleren. In Noord-Amerika heet de wasbeer Raccoon, wat een indianennaam is en wat betekent “hij die met zijn handen krabt”

Leefomgeving:

image011De wasbeer stamt oorspronkelijk uit Noord-Amerika, verspreidingsgebied van Zuid-Canada tot Panama, waar hij voornamelijk voorkomt in loof- gemendbos met oude boombestanden in de buurt van water. Hij geeft de voorkeur aan vochtige gebieden, bij voorkeur aan de oevers van beken, revieren, meren en moerasgebieden. Als schemer- en nachtroofdier verbergen de wasberen de wasberen zich overdag in moeilijk toegankelijke schuilplaatsen, zoals boom-, rots of aardholen, zoals oude vossen- of dasbouwen. In bewoond gebied versteekt hij zich graag in verlaten gebouwen, schuren of stallen. Maar ook kelders, garages en zolders en afvoersystemen worden als geschikte schuilplaats gebruikt.

In de vorstperiode houden de wasberen soms wekenlang een soort winterslaap en leven van hun vetreserves. Het is echter geen echte winterslaap, want ze worden direct actief wanneer het weer wat warmer wordt. Aan het einde van de winter zijn de dieren sterk vermagerd, maar hun normale gewicht krijgen ze weer snel terug. In Europa begon de verspreiding van de wasbeer in 1934 met het uitzetten van vier wasberen aan de Edersee in Hessen. Door bomschade op het einde van tweede wereldoorlog, in de tuin van een pelsdierfokker in Wolfshagen kwamen weer meerdere dieren vrij, die weer direct verwilderden.

In 1966 een eenheid van de Amerikaanse luchtmacht in Frankrijk in de buurt van de stad Laon in het departement Aisne, plotseling in verband met de Vietnamoorlog zich moest verplaatsen, lieten de betrokken soldaten hun wasbeer- mascotte achter. In de omringenden bossen ontwikkelde zich op deze manier, snel een zelfstandige wasberenpopulatie. In Wit-Rusland en in het Kaukasusgebied werden in de jaren 30 en 50 van de vorige eeuw succesrijk bevolkt door de uitgezette wasberen. In geheel Europa wordt de totale stand geschat op ongeveer 250.000 stuks.

Voedsel:

Voedsel wasbeerwasbeer behoort, ondanks dat hij alles eet tot de roofdieren. De fijngevoelige voorpoten worden voor het voedsel dan ook gebruikt. Hierbij is het voedsel aanbod belangrijk afgestemd op de tijd van het jaar.

In het voorjaar hebben de wasberen vooral behoefte aan dierlijke eiwitten, zoals regenwormen, slakken en insecten, maar ook aan eieren, jonge vogels, kleine knaagdieren zoals muizen, ratten, konijnen. In de zomer en de herfst is het plantaardige voedsel, zoals vruchten en zaden overwegend n de In de winter vasten de dieren en zeer daarbij bijna in een soort winterslaap, alleen als de temperatuur boven nul graden uitkomt ,worden ze weer actief en zoeken dan hun voedsel aan water dat ijsvrij is.

de bewoonde gebieden waar het gehele jaar door voldoende voedselaanbod is, vindt de wasbeerop de gazons (regenwormen) en onder de fruitbomen en vooral op de plaatsen waar de mensen zelf composthopen maken en in de vuilnisbakken, die langs de wegen en in parken staan worden dan druk bezocht voor voedsel. De dagelijkse hoeveelheid voedsel ligt per dier op zo’n 200 tot 400 gram.

Voortplanting:

Wasbeervrouwtjes worden in de regel na het eerste jaar geslachtsrijp en de mannetjes geldt dit pas na het tweede jaar. De belangrijkste paartijd is februari en in april worden twee tot vijf jongen geboren.

image006Ieder zo’n 10 cm groot. De jongen hebben een gewicht van zo’n 65 tot 75 gram. Ze worden door het moederdier groot gebracht en ze verlaten hun schuilplaats pas tegen het einde van de tweede maand.

in de herfst leven ze in familieverband. Wasberen zijn geen individualisten maar leven het gehele jaar door in groepsverband. Er zijn verschillende groepen samenstellingen zoals;moeder en kind groepen, volwassen mannetjes als volwassen vrouwtjesgroepen. Hun territoria wordt bepaald door bepaalde verzamelplaatsen, zoals bijvoorbeeld hoofdslaapplaatsen. Door geursporen vindt de uitwisseling plaats van sociale, seksuele en voedsel-ecologische informatie. De wasberen worden in de vrije natuur gemiddeld zo’n 8 tot 10 jaar oud. In gevangenschap echter worden veel ouder tot zo’n 12 tot 13 jaar.

Kan een wasbeer gevaarlijk worden?
In principe zijn wasberen niet agressief en vallen mensen niet aan. Maar ze zijn en blijven wilde dieren. Men moet ze echter niet aanraken, voeren, lokken of als huisdier houden. Als kleine roofdieren zijn in situaties als ze zich bedreigt voelen of angst en onzekerheid bemerken in staat om flinke bijtwonden te veroorzaken. Vooral het lokken van de dieren door te voeren moet zeer afgeraden en vermeden worden.

Het voeren en houden van wilde dieren, dus ook van wasberen is in principe verboden door de Flora- en faunawet

Draagt de wasberen bepaalde ziekten over?

Bij onderzoekingen in de bestaande wasberenpopulaties in Europa, werd vastgesteld dat bijna 75% van het bestand besmet is met de (Baylisascaris procyonis). In Duitsland (Brandenburg) en in de Harst werd er bij de wasberenpopulaties daar echter geen besmettingen geconstateerd. Ook is het aandeel van de verspreiding van hondsdolheid door de wasberen bijna geen rol van betekenis. Wasberen die besmet zijn met hondsdolheid zijn passief en gedesinteresseerd en trekken zich terug in holen of andere zekere schuilplaatsen, om daar te sterven. Een nieuwsgierige wasbeer op zoek naar voedsel in de tuin, die niet schuw en zich vooral tam gedraagt is, dus niet een dier dat misschien hondsdolheid heeft, zoals dat het geval zou zijn met vossen. Ondanks dat is het zoals, bij alle wilde dieren altijd voorzichtigheid geboden.

In 2008 deed Alterra een onderzoek naar de risico’s die wasberen opleveren, voor zowel de natuur als de volksgezondheid. Deze dieren, die van oorsprong uit Amerika komen, worden regelmatig in Nederland aangetroffen doordat exemplaren uit gevangschap ontsnappen dan wel door hun baasjes worden vrijgelaten. Daarnaast is het mogelijk dat er wasberen vanuit Duitsland in Nederland komen. Alterra concludeerde dat de dieren geen risico opleveren voor de volksgezondheid.
Het RIVM reageerde op verzoek van het Coördinerend Orgaan Invasieve Exoten op het rapport van Alterra. Het instituut stelde dat een toename van het aantal wasberen betekent dat de kans op verspreiding van rabiës en de wasbeerspoelworm groter wordt. Met name de wasbeerspoelworm baarde het RIVM zorgen, omdat de larven van deze parasiet zich in de hersenen kunnen vestigen. De diagnostiek en behandeling van de infectie zijn zeer moeilijk. Het RIVM achtte om die reden de verdere verspreiding van wasberen in Nederland ongewenst.

Hoe kan ik mijn tuin en grond beveiligen?

De beste beveiliging tegen deze ongenode gasten is op de eerste plaats er voor zorgen dat er geen voedsel aanbod is, zowel in de tuin als rondom het huis.

De navolgende maatregelen kunnen aanbevolen worden;

  • Vuilnisbakken en afval zoveel mogelijk opslaan dat ze er niet bij kunnen, is dit niet mogelijk, dan de deksel van de vuilnisbak met een sterke rubberen elastiek vastzetten en tenminste een halve meter van omheiningen, muren en takken verwijdert houden;
  • Vuilniszakken en bakken pas op de dag dat ze ook daadwerkelijk opgehaald worden buiten zetten;

image007

  • Vlees, vis, melkproducten, brood en fruit niet op een composthoop werpen;
    • geen probleem zijn aardappelschillen en groenteresten;
  • Voer van huisdieren niet in de tuin of op het terras ’s-nachts laten staan;
  • Fruit dat van de bomen is gevallen en rijp fruit verwijderen en oogsten;
  • Fruitbomen met zogenaamde metalen manchetten van tenminste een meter hoog voorzien, zodat ze niet meer in de bomen kunnen klimmen.

De proef om hun met radiogeluid, ultrasoon geluid, mensenharen, door peper te strooien etc., is veel werk dat niet veel succes heeft, de effecten zijn van maar korte duur. De mensen en huisdieren hebben er vaker meer last van als de wasberen.
Het belangrijkste is dat de wasberen niet gevoerd worden, omdat ze dan vaak kwaad en agressief kunnen worden. Hierdoor kunnen de wasbeer aantallen alleen maar toenemen en worden de problemen groter, omdat ze hierdoor de vruchtbaarheid toeneemt en hierdoor gemakkelijker de verliezen van het vangen en doden gecompenseerd kunnen worden en dit bijna geen effect zal hebben op de totale stand.
Ook de zgn. “vondelingen” of in de steek gelaten dieren, zelf groot te brengen om ze later weer vrij te laten is niet gewenst en ook niet toegestaan en vooral ondoordacht.
Bijzondere maatregelen om je woning en gebouwen te beschermen.
wasbeer in schoorsteenWasberen hebben graag op daken hun schuilplaats voor de dag. Daar komen ze meestal via de De goot van het regenwater of aangrenzende bomen of struiken. Dit kan verholpen worden door het tijdig terugsnoeien van de bomen en struiken. Op het dak zelf bieden verschoven dakpannen en openingen, die deze slimme dieren zelf ook gemakkelijk groter maken toegang tot de zolder of tussenbeschot. Ook schoorstenen kunnen als dagverblijf dienen.

Het bereiken van het dak kan met de navolgende tips vermeden worden;

  • een metaalafdekking met een breedte van minstens 1m over de regenpijpen aanbrengen;
  • de mogelijke gaten waardoor ze naar binnen kunnen komen met duurzame bouwmaterialen sluiten;
  • op de schoorsteen een metalen afdichting aanbrengen die goed stevig bevestigd wordt.

Wasberen benutten bepaalde plaatsen voor hun uitwerpselen bijvoorbeeld op de zolder. Deze plaatsen zijn een potentiële infectiehaard en moeten regelmatig worden schoongemaakt.
Hierbij moet u vooral letten op;

  • het gebruik van wegwerphandschoenen voor eenmalig gebruik;
  • de uitwerpselen in een schuurvaste plasticzak doen;
  • de resten die overblijven met heet water en schoonmaakmiddel en desinfecteermiddel schoonmaken;
  • Alle gebruikte lappen en dweilen en de schoonmaak spons in een plasticzak goed opbergen en goed afsluiten en met de vuilnis meegeven, dus niet meer hergebruiken;
  • Kinderen weghouden;
  • Huisdieren tegen hondsdolheid laten inenten.

Tenslotte..

De wasbeer behoort intussen in Duitsland reeds tot de inheemse fauna. Hij is wordt als exoot beschouwd en is niet gewenst in Nederland. Meldingen van deze rover dienen dan ook doorgegeven te worden aan de provincies en het Ministerie van LNV of de plaatselijke Wildbeheereenheden.

Dode wasbeerhonden bewaren en snel melden!
Het begint er de laatste jaren op te lijken dat de wasbeerhond vaste voet krijgt in ons land. Daarom is het van belang om zijn rol bij het overbrengen van ziektes te onderzoeken en in de gaten te houden. Ook is het zaak meer te weten te komen over zijn voedsel en reproductie in ons land, en over zijn toenemende verspreiding.

Het RIVM in Bilthoven doet daarom (in samenwerking met Bureau Mulder-natuurlijk) onderzoek aan dode wasbeerhonden. Hieronder vindt u aanwijzingen hoe u een wasbeerhond kunt inleveren. Als u een dode wasbeerhond wilt laten opzetten, is het mogelijk het onderzoek zodanig uit te voeren dat het niet nadelig uitvalt voor de kwaliteit van het opgezette dier.
Een belangrijke reden om de wasbeerhond in de gaten te houden, is zijn mogelijke rol bij de verspreiding van de vossenlintworm, Echinococcus multilocularis. Bekend is dat de vossenlintworm voorkomt in Oost-Groningen en Zuid-Limburg (zie kaartje). De vos is tot nu toe de belangrijkste verspreider van de lintworm. De komst van de wasbeerhond zou er toe kunnen leiden dat het verspreidingsgebied van de lintworm groter wordt, doordat deze soort zich relatief snel uitbreidt. Jonge dieren gaan al vanaf augustus, als ze nog niet eens volgroeid zijn, op zoek naar een eigen leefgebied, en kunnen zich daarbij gemakkelijk enkele tientallen kilometers verplaatsen.

In het kaartje zijn alle waarnemingen van wasbeerhonden in Nederland ingetekend (tot 2007!), voor zover ze bekend zijn bij verschillende instanties. Lang niet al die waarnemingen zijn onderzocht op betrouwbaarheid, er kan soms verwisseling met andere soorten zijn opgetreden.

Hoe levert u een wasbeerhond in?
De wasbeerhond met handschoenen aan in een vuilniszak stoppen, de gebruikte handschoenen ook bij de zak insluiten. De zak daarop deugdelijk afsluiten.

Op een vel papier zoveel mogelijk gegevens noteren: de vindplaats zo nauwkeurig mogelijk, bijvoorbeeld met kaartcoördinaten, of als stip op kaartje, of duidelijk omschreven; de vinddatum, uw naam met telefoonnummer en eventueel adres (voor navraag en uitslag), hoe bemachtigd, enzovoort. De verpakte wasbeerhond nog eens verpakken in een tweede vuilniszak en daarin ook het papier met de gegevens stoppen. In een vriezer of tenminste koel bewaren. RIVM bellen (030-2743926 of 2742661 secretariaat),of Jaap Mulder (06-10708498). RIVM laat de wasbeerhond in overleg met u ophalen. Als u dat wenst, kan het onderzoek zodanig gebeuren dat het dier daarna opgezet kan worden.

Waarnemingen melden!
Ook waarnemingen van wasbeerhonden zijn van groot belang. Graag doorgeven aan Jaap Mulder, zie de contact-pagina

Wasbeer 07092009 Overmeer Echt_smallWasbeer doodgereden in Echt op de grens van Midden en Zuid-Limburg , gevonden op 9 september 2009. het betrof hierbij om een jong mannetje van zo’n 4 tot 5 kg.

Wasbeer doodgereden in Echt op de grens van Midden en Zuid-Limburg , gevonden op 9 september 2009. het betrof hierbij om een jong mannetje van zo’n 4 tot 5 kg

Reageren is niet mogelijk